Jan Eggers 100 jaar snoeken in Nederland, deel 3

Jan Schreiner is heel belangrijk voor de snoekvisserij geweest en we zullen hem nog vaak tegenkomen.
Jan Schreiner is heel belangrijk voor de snoekvisserij geweest en we zullen hem nog vaak tegenkomen.

De periode 1940 – 1950. In 1940 komt ook de eerste druk van het zeer populaire, er kwamen 8 drukken van, boek “Beet!” van C.H. Geudeker uit. Maar op snoekgebied brengt het ons weinig nieuws, het vissen met een levend aasvisje is ook in dit boek de enige manier om snoek te vangen. Nu deel 3 van 100 jaar snoeken door Jan Eggers. Lees “Jan Eggers 100 jaar snoeken in Nederland, deel 3” verder

Update 5 eerste wedstrijddag Predatortour Zweden 2019.

Ik zeg……goedemorgen vanuit een bewolkt Amal Zweden. De eerste wedstrijddag is om 08:00 van start gegaan en het beloofd een zeer visrijk dagje te worden. Terwijl ik aan het typen ben vliegen de metersnoeken op de leaderboard! Na nog geen 4 uur vissen vanaf de start zijn er al meer dan 35 meter snoeken gevangen! De grootste snoek tot nu toe  2 x 119cm door team 14 Daniel Nilsson en Tommie Magnusson. 7 teams met 6 snoeken!
Lees “Update 5 eerste wedstrijddag Predatortour Zweden 2019.” verder

Jan Eggers, nog meer vreemde snoe(k)shanen, deel 3 fossielen.

Dit is dan een echt lid van de Esox familie, de ca. 20 miljoen jaar oude Esox lepidotus en hij lijkt qua vorm toch echt op onze snoek.

Snoeken uit een heel ver verleden.

In het door verzamelaars veel gezochte boek “Pike” van mijn goede vriend Fred Buller dat ik 1971 uitkwam, zijn 4 pagina’s gewijd aan fossiele snoeken. Het vervolg op dit klassieke boek is “Pike and the Pike Angler” uit 1981 waaraan ik veel heb mogen bijdragen.

Tekst en fotografie: Jan Eggers

Het hoofdstuk over fossiele snoeken is nu 10 pagina’s groot. Ik heb dit altijd zeer interessant leeswerk gevonden en heb er een paar jaar later zeer intensief met Fred over gediscussieerd. Dat kwam door een artikel in Fisch und Fang en de informatie en foto’s in dat artikel zorgden voor veel verwarring. Na veel onderzoek en contacten met wetenschappers in Duitsland, Canada en Engeland werd deze z.g. “Bone-Pike Affair” tenslotte opgelost. Ik heb daardoor niet alleen veel wetenschappelijke informatie verzameld maar ook een aantal interessante foto’s van fossiele “snoeken”, ja tussen aanhalingstekens en op het einde van dit artikel zal men begrijpen waarom.

Eerst tot 30 miljoen jaar oud.

De oudste snoeken die in het boek Pike genoemd worden zijn de Esox lepidotus uit het late Mioceen, zo’n 20 miljoen jaar geleden en de Esox papyraceus die nog 10 miljoen jaar ouder was. Tja, en daar komt dan ene Jan Eggers met een telefoontje over een verhaal en nieuwe foto’s van fossiele snoeken die wel 50 miljoen jaar oud zouden zijn. Een van de eerste van de vele vragen die Fred na het ontvangen van dit bericht op me af stuurde was of ik contact wilde opnemen met Dr. Weitschat om meer informatie en liefst wat foto’s te vragen. In de begeleidende brief stond dat deze fossielen gevonden waren in de Messeler groeve, tussen Darmstadt en Frankfurt. Uit deze groeve haalde men bruinkool en regelmatig kwam men fossiele vissen tegen, zo ook deze vissen van de foto’s die hij aanduidde met de naam “Knochenhechte”. Letterlijk vertaald kom je dan op beensnoek en gezien de schubben die er als plaatjes been uitzagen en de vinstralen die erg op kootjes van een vinger leken was dat een passende benaming.

Verschillende keren vroeg Fred me of het geen familieleden waren van de Esox lepidotus en de Esox papyraceus. Ik heb toen Dr. Weitschat nog eens gebeld en die wist zeker dat deze fossielen 50 miljoen jaren oud waren omdat alle fossielen uit deze bruinkool laag goed gedetermineerd met de C-14 koolstof methode. Bleef dus over de hamvraag: welke snoeken zijn het dan wel?

Boven de Knochenhecht die Fred Buller deed denken aan de Cepedian pike, een geepachtige dus, en onder onze Esox lucius.

Een oude gravure is de sleutel tot de oplossing.

Omdat er midden 80er jaren van de vorige eeuw nog geen Internet en E-mail was en ik angst had dat er iets fout kon gaan als ik de foto’s per brief naar Fred zou sturen, besloot ik voor een weekendje naar Little Missenden te gaan. Eerlijk gezegd raakte Fred meer opgewonden van de foto’s van deze oeroude vissen dan van de foto’s van vele 18 kg plus snoeken voor de Big PIke List. Hij keek vol verbazing naar de foto van de snoek met opengesperde bek die gestikt was in een te grote prooivis. Een fenomeen dat ieder jaar opnieuw gebeurt en waarover ik binnenkort ook een artikel over zal schrijven in deze serie.

Er was een foto waarin hij vooral geïnteresseerd was omdat de foto hem herinnerde aan een oude gravure van een snoek die erg op deze fossiele snoek leek. Hij begon in allerlei kasten, laden en boeken te snuffelen en nadat zijn studeerkamer in een grote chaos was veranderd, toonde hij het gezochte papier. Daarop stond een vis die erg leek op de fossiele Knochenhecht die ik had meegebracht en onder de gravure stond Cepedian pike. Deze snoek was veel jonger want de datum op de gravure gaf 1808 aan. Ontegenzeggelijk leken deze 2 vissen op elkaar vooral als je de Knochenhecht liggend op de rug afbeeldde. Vervolgens kwam de vraag: waar kwam deze gravure vandaan? Fred kwam er niet uit maar volgens zijn vrouw Pauline had hij hem ooit gekregen van de kleindochter van de befaamde hoofdredacteur van de Fishing Gazette R.B. Marston. Deze Patricia Marston was nu de echtgenote van een van de beste vrienden van Fred Buller, te weten de beroemde Richard Walker.

Onbekend was nog uit welk boek deze tekening gehaald was maar na een paar telefoontjes met handelaren in oude visboeken kreeg Fred het advies contact op te nemen met de curator van het British Museum, afdeling Natuurlijke Historie. Hij had al vele jaren een goed contact met deze Alwyne Wheeler maar helaas had deze nog nooit van een Cepedian pike gehoord. Maar wel kwam hij met de suggestie dat het wel eens niet over een lid van de familie Esox zou kunnen gaan maar om een vertegenwoordiger van de geepachtige, zeg maar van de familie Atractosteus spatula (Lacepede). Tegenwoordig leven deze Spotted gar en Longnose gar in de oostelijke helft van de USA en Cuba en ze doen echt aan vriend snoek denken qua vorm. Dat de wetenschappelijke naam bedacht was door de Franse natuurwetenschapper Le Compte de Lacepede, die later uit angst voor de guillotine in de periode van de Franse Revolutie zich gewoon meneer Lacepede noemde, kwam nu in een soort aangepaste vorm terug in Cepedian pike.

De Knochenhecht die gestikt is in de Amia prooi vis met de naar boven wijzende ruggengraat.

Zelfs de prooivis werd herkend

Nu men wist dat het om geepachtige ging en enig idee had waar verder te zoeken, werd paleontoloog Dr. Peter Forey ingeschakeld en die had in zijn collectie fossiele vissen ook een aantal exemplaren uit de Messeler Groeve en herkende meteen de vis die in de bek van de Knochenhecht, nu dus een geepachtige, geparkeerd was. Deze te grote prooi was een lid van de Amia familie, een soort modderkruiper waarvan nu ook nog afstammelingen in het stroomgebied van de Mississippi leven. Hij kon dit zien aan de opwaarts gebogen ruggengraat die heel kenmerkend voor de Amia familie is. Ik heb deze informatie later doorgestuurd naar Dr. Weitschat die bevestigde dat er veel fossielen van deze Amia in de groeve gevonden worden en hij stuurde me nog een foto van een Amia.

Zo ziet de prooivis Amia met opwaartse ruggengraat er uit.

Als ik nu terug kijk, kom ik tot de conclusie dat alle verwarring is ontstaan door een foute vertaling of noem het interpretatie van het woord Knochenhecht. Natuurlijk, dat het woordje Hecht in het Duits snoek betekent, klopt als een zwerende vinger. Toen wist ik ook al dat Hornhecht de Duitse naam voor geep was maar daar heb ik geen seconde aan gedacht. Trouwens, de naam snoek in combinatie met een voorvoegsel betekent ook in andere talen geep. Ik zal er een paar noemen. In het Zweeds: snoek = gädda, geep = Horngädda. Fins: snoek = hauki, geep =nokkahauki. Engels: snoek =pike, geep is ook garpike.

Nog een mooi voorbeeld van een Knochenhecht die geen snoek is maar een geepachtige. Let op de schubben en kootjes bij de vinstralen.

Dat de vorm van deze vissen: spitse snavelachtige bek, slanke torpedo achtige vorm en niet te vergeten de “straalmotor” bij het achterlijf, bestaande uit staart-, rug- en anaal vin een succesformule in de evolutie blijkt te zijn, is inmiddels wel bewezen. Ja ook voor de snoeken.

Dit is de oudst bekende snoek, de Esox tiemani en bij het pijltje de ruggengraat van een verteerde prooivis.

De alleroudste snoek ter wereld en wat jongere familieleden

Kort voordat bovenstaande geschiedenis ons bezig hield had Fred Buller een bericht gekregen dat ik het noorden van Canada een echte fossiele snoek van 56 miljoen jaar oude gevonden was: de Esox tiemani. Dit fossiel werd tijdens het aanleggen van een weg naar een oliebron ontdekt door de hr. B. Tieman die het onder de aandacht van de wetenschappers bracht. Op de foto van deze zeeeeeeer oude snoek ziet men niet alleen dat de vorm min of meer gelijk is aan onze hedendaagse snoeken maar dat de eetgewoonten hetzelfde zijn. Op de plek waar de maag zit, zien we de restanten van zijn laatste maaltijd, zijnde de ruggengraat van een prooivis. Oudere snoeken heb ik niet in de collectie. Wel foto’s van afbeeldingen van snoek op beenderen van dieren die 17.000 jaar geleden gemaakt zijn door holbewoners in Frankrijk. Er zijn onderkaken van snoeken gevonden in de Noordzee.

De onderkaak van een forse snoek die in de afvalhoop van een Romeinse nederzetting bij Keulen gevonden is.

Er is een periode geweest dat deze zee droog lag en vandaar dat men er nog steeds botten van de mammoet en andere prehistorische zoogdieren vindt en dus ook snoek. Het is bekend dat er duizenden jaren terug snoek gegeten werd in ons gebied want men heeft graten en andere snoek botjes in keukenafval uit die periode gevangen. Leuk vind ik de onderkaak van een forse snoek die bij de keuken van een Romeinse nederzetting bij Keulen gevonden werd en waarvan ik een foto kreeg toegestuurd. Met deze oeroude informatie moet men het in deze aflevering doen. Waarover ik het in de volgende aflevering ga hebben, weet ik nog niet.

Groetend Jan Eggers

Jan Eggers, nog meer vreemde snoe(k)shanen

Een haast zwarte snoek uit een veenplas met donkerbruin-zwart water.

De afgelopen dagen heb ik mijn tijd vooral verdaan met het scannen van dia’s waarop allerlei mooie, lelijke, zielige, gulzige, dode, tweekleurige, zieke, gebogen en dus gewoon afwijkende snoeken te zien waren. Het waren er zoveel dat ik meteen al met een luxe probleem zit: met welke categorie kan ik nu het beste beginnen?

Tekst en fotografie: Jan Eggers. Lees “Jan Eggers, nog meer vreemde snoe(k)shanen” verder

Inschrijving Predatortour Zweden 2019 vanavond van start.

1De 2e editie van Predatortour Zweden zit er weer op voor het Roofvisweb Team. De 3 wedstrijddagen waren zeer spannend en ook werden er heel veel snoeken gevangen. Met 619 geregistreerde snoeken waarvan 145 meter+ snoeken kunnen we spreken een top evenement van ongekende klasse. Check het laatste nieuws op de Predatortour Zweden Facebookpagina! Lees “Inschrijving Predatortour Zweden 2019 vanavond van start.” verder

Nieuw binnen bij Rien de Wolf Hengelsport….Danny de Duck.

bovenriendanny-de-duck02Danny de Duck is aan komen zwemmen. Deze pul imitatie is een ware snoekkiller. Deze plug is op verschillende manieren te vissen. Zo kan hij werpend als trollend gevist worden. Kom langs en laat je overtuigen bij Rien de Wolf Hengelsport Lees “Nieuw binnen bij Rien de Wolf Hengelsport….Danny de Duck.” verder

Super aanbieding ABU Ambassadeur Record 6601HC bij Hennie Kruidenier

logoWij van Hengelsport Hennie Kruidenier hebben de hand weten te leggen op een partij ABU Ambassadeur Record 6601HC die we super scherp kunnen aanbieden! Deze Ambassadeur Record van Abu Garcia is uitgerust met een fantastische slip die uit bronzen tandwielen bestaat. Deze reel is opvallend licht van gewicht en voorzien van een carbon slip en een ergonomische slinger die voor een zeer gebalanceerde houvast zorgt.

record01
Klik op deze afbeelding om direct naar de webshop te gaan!

Eigenschappen:
◾7 HPCR kogellagers + 1 lijnrol kogellager
◾Carbon Matrix Systeem voor een constante druk tijdens de dril
◾compact en ergonomisch design
◾6 pins centrifugaal slip voor constante druk tijdens het werpen
◾Gesynchroniseerde level Wind
◾Duragear 2 binnenwerk voor duurzaamheid en sterkte in alle omstandigheden
◾Lijn capaciteit 290 mtr. / 0.32
◾ Overbrenging 4.7:1

record2

Voor meer informatie:
Hengelsport Hennie Kruidenier
Spoelsterstraat 45
7481 KE Haaksbergen
Tel: 0031 (0)53-5723679
Fax: 0031 (0)53-5723679
E mail: hkruidenier@hetnet.nl
www.hengelsport-kruidenier.com
◾Gewicht 335 gram
◾Inhaalsnelheid 0.58 mtr.

Ik ga op vakantie en ik neem mee…. Spooks.

Tjsa, de gesloten tijd is weer aangebroken dus dat betekend noodgedwongen een roofvispauze van 2 maanden. Een enkeling richt zich in deze periode op andere vissoorten en sommigen halen hun sociale contacten nog eens aan. En dan heb je nog de groep die het echt niet laten kan om op roofvis te vissen en die trekken dan naar het buitenland.

Hoe anders is die visserij in Zweden en Noorwegen ten opzichte van het vissen in Nederland. Niet alleen de wateren maar ook de visserij is er in veel opzichten anders. Je kan er met dezelfde materialen als in Nederland uit de voeten maar veel van de meren en de Scherentuin zijn toch echt niet hetzelfde als hier.

Tekst en foto’s: Frans Oomen.

Perfecte plaats om eens met topwater aan de gang te gaan.
Perfecte plaats om eens met topwater aan de gang te gaan.

We zoeken in de maanden april en mei de vissen vaak ondiep. Zeker in de maand mei als het water al wat begint op te warmen kan je veel, heel veel vis op het ondiepe aantreffen. Veel van de meren zijn omzoomd met riet en kennen talloze ondiepe baaien. Drift zo’n baai maar eens in en begin hem uit te werpen. Zodra je ondieper komt en tegen het riet kan werpen waar een halve tot een meter water voor staat wemelt het vaak van de snoeken. Jerkbaits, pluggen en kikker imitaties doen het hier vaak supergoed maar wat zeker ook werkt zijn oppervlakte pluggen, oftewel topwaters. Met zo veel snoeken op een klein stukje zijn je kansen een stuk groter om er een te vangen dan hier in Nederland.

Nederland
Hier in Nederland vertoef ik vaak op het grote water. Ook hier vissen we op het ondiepe tegen het einde van het seizoen en kort na de opening. Vele malen hebben mijn vismaten en ik geprobeerd om met oppervlakte kunstaas de snoeken het leven zuur te maken. Op een enkel teken van leven na heeft het nooit iets opgeleverd. Op sommige wateren doen ze het ook gewoon niet op oppervlakte kunstaas. Ik heb het echt wel geprobeerd maar ik kreeg niets voor elkaar. Bakken vol met spooks, propellerbaits, creepers (met van die metalen vleugeltjes), buzzers enz heb ik maar allemaal visloos.

Oppervlakte succes op de Glomma.
Oppervlakte succes op de Glomma.

Totdat ik een paar jaar terug naar Noorwegen ging. Op het Oyern meer, wat eigenlijk een verbreding is van de rivier de Glomma lukte het in eens wel. Mijn vismaat Nico en ik hadden wat jagende vissen gespot in een baaitje met veel riet er om heen. Hier beleefde we een waar gekkenhuis. In een kleine 1,5 uur vingen we maar liefst 9 snoeken op onze oppervlakte aasjes met als uitschieter een vis van 93 cm voor vismaat Nico.

Zweden 2014
In het voorjaar van 2014 had ik met vismaat Frank Mylle via Cordes Travel een reis geboekt naar het gebied Sordellen. Een trip naar een voor ons nieuw gebied met een mooie variëteit aan verschillende meren.

Na 2 dagen op het grote water gezeten te hebben trokken we er met de huurboot op uit naar de kleinere meren. Op het eerste meer dat we aandeden vielen we met onze neus in de boter. Minstens 35 snoeken zagen die dag de binnenkant van de boot. Frank viste hoofdzakelijk met de vliegenhengel en ik viste voornamelijk met kleine jerkbaits én met topwaters. Wat ik er ook aan hing, alles ving en dan is het vissen met de vlieg en allerhande spooks toch wel het leukst van allemaal.

De eerste van de dag op een Bucher Dancin' raider.
De eerste van de dag op een Bucher Dancin’ raider.

Materiaal
Laat ik voorop stellen dat het vissen met topwaters zoals ik dat in Zweden en Noorwegen gedaan heb niet te vergelijken is met wat wij hier in Nederland doen. Je vis er over het algemeen op grote wateren met relatief lichte materialen. Materiaal wat ik in Nederland in de polders gebruik. Voor mij is dat een lichte baitcaster van 7 voet met een kleine reel. 30LB dyneeema er op en een lichte staaldraad of stang.

Een spinhengel mag ook, wat jij wil. Het type hengel waarmee je normaal jerkbaits tot een centimeter of 10 mee vist, of kleine swimbaitjes.

Techniek
Hoe gaan we te werk? Kies allereerst je kunstaas. Er zijn vele soorten maar een spook is een va de makkelijkst te vissen topwaters die er is. Inwerpen en zachtjes binnen tikken zoals je een kleine glider ook binnen vist. Je zal zien dat een spook een van de meest constante vangers is. Creepers, shutters, propeller baits en poppers doen het niet overal.

Werp je kunstaas in tot strak tegen het riet want hier maak je de meeste kans. Vaak is het in de eerste paar meter al kassa. Tik de spook of popper langzaam binnen. Andere kunstaasjes vis je meer in een constant tempo binnen.

Veel kleine vis maar het spektakel maat veel goed.
Veel kleine vis maar het spektakel maat veel goed.

Als je aktie krijgt zal je het weten ook! Met een luide “splash” halen de vissen uit naar je kunstaas. Niet zelden zal je er een missen. Zeker als je snel aanslaat. Sla pas aan als je de vis ook echt voelt. Het uithalen van de vis naar je kunstaas maakt dat de vis heel vaak de topwater voor zich uit drukt.

Topwaters nader bekeken
Rest me nog een paar types te noemen waarmee ik goede resultaten behaald heb. Het merendeel van deze dingen zijn spooks maar ook met de andere kunstaasjes kan je genoeg aktie beleven al steken de spooks er toch wel boven uit.

Niet alle spooks doen het even goed op snoek. Die grote slaan meestal wel flink uit maar zeker de kleintjes zijn vaak niet gemaakt voor het vissen aan een spinstang of staaldraad. Leuk kunstaas om op zeebaars of roofblei te vissen wellicht met een fluorcarbon leader van 30/00 maar er mee snoeken kan soms wel eens tegenvallen.

Zulke spooks doen het altijd goed.
Zulke spooks doen het altijd goed.

Welke het zeker goed doen?
• Allereerst de Joe Bucher Dancin’ Raider. De grootste die ik gebruik. Eigenlijk voor het Nederlandse grote water bedoeld maar de ook een kleinere snoek lust hem wel.

• Lucky Craft Sammy en de Xorus Patchinko zijn 2 gekende spooks uit de zeebaars visserij. Die Xorus heeft ook iets weg van een popper. Ik ken overigens geen kunstaas dat je zo ver en zuiver kan werpen. Goedkoop zijn ze trouwens niet die dingen.

Op de Lucky craft Sammy.
Op de Lucky Craft Sammy.
Patchinko's zijn eigenlijk voor zeebaars bedoeld.
Patchinko’s zijn eigenlijk voor zeebaars bedoeld.

• Owner Cultiva Tango Dancer is een hele mond vol voor een plug. Een heel goed vangend ding wat je hier en daar tegen komt voor belachelijk lage prijzen. Daarbij is hij ook nog eens voor zien van hele goede dreggen (Owners uiteraard).

• Heddon Zara spook. Een van de oudste spooks die er zijn en vermoedelijk de naamgever van het type kunstaas dat we nu spook noemen.

• Illex Bonnie 95 en 128. Ook Illex heeft een paar topwaters in het pakket die het goed doen op snoek. Met de Bonny 95 heb ik leuk gevangen afgelopen jaar.

De Bonnie van Illex.
De Bonnie van Illex.

Hiermee kun je denk ik wel uit de voeten. Bedenk dat je in Nederland in de polders en aan zee ook leuke dingen kan doen met topwaters. Ga je naar echt verre bestemmingen met exotische vissen dan zou ik ze zeker meenemen. Een slechte investering is het nooit want wie weet waar je ooit nog eens je hengel uit gaat gooien.

Succes, Frans Oomen