Albert Dekker, vissen in de winter op Snoekbaars.

Snoekbaarzen in de winter vanaf de kant is een mooie visserij. Maar er komt best wel wat bij kijken als je het goed wil doen. Albert Dekker bij velen bekend van het meerval vissen neemt je mee in zijn visserij op snoekbaars vanaf de kant. De volgende onderwerpen worden uitvoerig behandeld: 1.wintertijd, 2 stekkeuze, 3 materiaal, 4 montage, 5 aas keuzes, 6 verzorging en 7 tips.

Tekst en foto’s: Albert Dekker

Een schitterende snoekbaars gewoon in de winter.
Een schitterende snoekbaars gewoon in de winter.

1.Wintertijd

De winter is weer aangebroken en de watertemperatuur is flink aan het zakken, tijd voor winter snoekbaars. Rond deze tijd zitten alle snoekbaarzen in de diepere wateren, ondiep ga je ze niet snel meer vinden. De snoekbaars volgt de scholen met aasvis die ook rond deze tijd naar de diepere wateren gaan. Waarom omdat op de diepere plekken de temperatuur vaak iets warmer is dan op ondiepe plekken. De snoekbaarzen blijven hangen onder de scholen met aasvis, en als ze honger hebben hoeven ze alleen maar een klein stukje te jagen. Op deze manier verspilt de snoekbaars weinig energie, want snoekbaarzen zijn lui in de winter.

De sardien deed zijn werk.
De sardien deed zijn werk.

2.Stekkeuze

De stek is van groot belang in de winter omdat je niet overal kan komen zoals met een boot. De meeste diepe kuilen op de rivier zijn vaak niet haalbaar vanaf de kant. Waar let je dan op ? Ik zelf vis het liefst in diepe vaarten plassen of kanalen die in verbinding staan met de rivier en diepte bevatten. Deze wateren bevatten altijd snoekbaars. Gemiddeld moet er toch wel snel 3 meter water of meer aanwezig zijn. Ik heb gemerkt in het verleden tijdens het snoekvissen dat grote snoekbaarzen net als snoeken in de winter totaal niet houden van harde stroming, dat wat juist in de zomer een must is. De snoekbaarzen die ik toen toevallig ving tijdens het snoeken waren allemaal mooie tot grote vissen. Toen was het tijd om er gericht op te gaan vissen, statisch met dood aas was de keuze.

Vrijloop.
Vrijloop.

3.Materiaal

Het materiaal dat gebruikt wordt moet niet al te zwaar zijn in verband met een paar dingen. De snoekbaars is heel wat voorzichtiger dan een snoek en zal met zwaar materiaal het aas heel snel weer loslaten.

We beginnen met de hengels. Hengels met een lengte van 3 meter tot 3.40 meter voldoet, in verband met uitgooien en drillen. Vaak is er wel riet aanwezig en met een lange hengel kan je vaak nog prima uitgooien. Ook voor de dril is het vaak makkelijk, er zijn altijd wel stenen of keien en met een langere hengel kan je er voor zorgen dat je lijn een stuk verder van de opstakels afblijft dan met een kortere hengel. Ook gooi je veel verder met een langere hengel. 2 lb tot 2.5 lb is meer dan genoeg er wordt toch met klein aas gevist.

Voor de molen gebruik ik zelf een 6000 uitvoering van goede kwaliteit. De hoofdlijn is 30 honderdste met een trekkracht van 10 kilo. ook is de lijn zinkend en onzichtbaar, snoekbaarzen hebben een goed zicht en zien alles.

Bijnaam vader glasoog.
Bijnaam vader glasoog.

We vissen statisch op snoekbaars dus een rodpot of grondsteunen zijn noodzakelijk. Optonics en pike-swingers mogen ook niet ontbreken. Zorg ook dat er bijna geen gewicht staat op de swinger anders laat de snoekbaars weer los in verband met weerstand. De aanbeet kan niet missen vaak een flinke fluiter.

De uitrusting.
De uitrusting.

4. De montage

Bij deze visserij vissen we met schuiflood omdat de snoekbaars niks mag voelen tijdens het opslokken van het aas. We pakken een schuifloodje van 50 gram en monteren deze op een wartel die schuiven we dan op de hoofdlijn. Dan komt er een kraaltje op de hoofdlijn om de knoop te beschermen. Dan knopen we weer een wartel aan de hoofdlijn. Aan de wartel maken we een stuk fluocarbon van 35 honderdste van 50 cm, 10 cm over voor de knoop.

Aan de fluocarbon komt een stukje staaldraad van 35 cm, het staaldraad moet wel soepel zijn en niet te dik. Er kan natuurlijk ook een snoek bijten. Dan kom aan het staaldraad een dreg maat 4 en een korte stinger maat 6. Vis je met stukjes vis dan is een enkele dreg voldoende.

De montage.
De montage.

5. Aaskeuze

Als aas gebruik ik het liefst zeevis. Ja, jullie hebben het goed gelezen zeevis. Ook is de snoekbaars net als de snoek gek op zeevis. Maar waarom vangen we tijdens het snoeken dan zo weinig snoekbaars? heel simpel we gebruiken vaak te groot aas. Hele makrelen grote voorns enz. Vaak laten de snoekbaarzen zo`n grote hap leggen. De truc is dus om te vissen met klein aas. Kleine sardien, spiering, makreel het werkt allemaal.

Probeer dat je aas niet groter is dan 10 cm, kleiner is zelfs nog beter. Als we uitgegooid hebben dan schieten we nog een paar stukjes vis rondom de stek, dit zal de geur vergroten en de vis vertrouwen geven als deze een stukje pakt en er gebeurt niks. Stukjes van 3 bij 3 cm is perfect, 5 stukjes per hengel is genoeg. Dan is het afwachten…

Snow Zander.
Snow Zander.

6.Verzorging

De verzorging van de snoekbaars in de winter is zeer belangrijk voor de vis, als we ze niet goed behandelen kunnen ze zelfs dood gaan of blind worden. Als eerste probeer de vis niet te hart te drillen als deze van grote diepte komt. [ De zwemblaas kan ontploffen of uit de keel komen] Als we de vis scheppen probeer je net al in het water te hebben vaak is deze bevroren en dat maakt het landen lastig. Als we de vis hebben gevangen leggen we haar altijd op een onthaakmat. Zorg ook dat de mat nat is en sneeuw vrij is.

Bij een bevroren ondergrond kan de vis blind worden als deze te lang op èèn kant legt. Na het onthaken is het belangrijk dat we de vis even terug doen in het water. Even in het schepnet of een sling is goed voor de vis, het water is vaak warmer dan op de kant. Dan kunnen we na 3 min even snel een foto maken en de vis weer snel terug zetten in het water. Als we het zo doen komt de vis er ongeschonden vanaf en kunnen we ze later weer in prima staat terug vangen.

Goed nat houden is belangrijk in de winter.
Goed nat houden is belangrijk in de winter.

7.Tip

Probeer het eens in het donker !!! Vaak werkt deze manier dan nog veel beter. Grote snoekbaarzen zijn vaak actief in het donker. Hebben ze je stek gevonden dan zijn er meerdere runs te verwachten.

Ook in het donker werkt deze manier perfect.
Ook in het donker werkt deze manier perfect.

Ik hoop met deze uitleg dat meer mensen dikke en grote snoekbaarzen gaan vangen in de winterperiode. Veel succes allemaal en wees zuinig op onze vissen en de natuur.

Wilt U meer informatie omtrent dit artikel dan kunt U altijd een mailtje sturen naar barbarian81@live.nl

Albert Dekker

 

Statisch vissen op snoek met Albert Dekker.

Frank van Vliet vroeg mij of ik een artikel wilde schrijven over mijn manier van doodaasvissen, een hele eer dus daar zei ik geen nee tegen. In dit artikel ga ik het hebben over mijn manier van aanpakken die jullie hopelijk kunnen helpen om ook een monstersnoek te landen. Over de onderstaande onderwerpen gaan we het hebben.

Tekst en foto’s: Albert Dekker

Onderwerpen
1. Stekken keuze
2. Montage
3. Uitrusting
4. Aas
5. Verzorging

1. Stekken keuze
Er zijn meerdere dingen waar ik op let of rekening mee hou als het gaat om het vangen van een mega snoek. Mijn seizoen begint eind oktober en eindigt eind maart. In het begin van mijn seizoen begin ik altijd in de minder diepe wateren, waarom? Omdat die het eerste afkoelen en koud water is samenscholen van aasvis dus ook meerdere roofvis bij elkaar. Ik zoek dan vaak poldervaart water op of een putje waar net 1meter tot 1.50 meter water staat maar die wel in verbinding staan met slootjes. Zodra het koud wordt komt de witvis de sloten uit omdat het vaak op een dergelijk putje wat dieper is en dus een prima overwinter plek. De roofvis volgt, dan is het even uitzoeken wat de diepere stukken zijn op de put of vaart, vaak zijn dat dan de hotspots. Bruggen zijn ook altijd goede stekken als die er zijn, vaak ook iets dieper en de brug houdt warmte vast en witvis trekt nu eenmaal naar de plekken waar het water op dat moment het warmste is.

Dit hou ik aan tot eind november dan ga ik de wat diepere wateren opzoeken zoals de zandputten en kanalen. Op de zandputten vis ik meestal tussen de 5 en 8 meter diep, vaak is dat onderaan waar de bodem weer recht begint te lopen. Ik vis daar meestal een meter of drie vanaf. Vaak liggen de dikke snoeken onderaan of liggen tegen het schuine aan. Dit is ook de enige plek waar ze goed kunnen jagen. De witvis zit meestal iets hoger en de snoeken schieten dan langs het talud omhoog, de witvis ziet de snoek nooit aankomen op deze manier van jagen, maar met een dode aasvis kan je ze perfect verleiden. Peil wel even je water uit met een spothengel met schuifpen of een dieptemeter, zelf gebruik ik de dieptemeter bijna nooit, puur gevoel.

Als het dan echt koud wordt, dan komen de echt grote wateren aan bod zoals de rivier of grote meren. Ik vis dan vaak in zijtakken van de rivier omdat daar weinig stroming is en een vis wil in de winter zo weinig mogelijk vet resten verbruiken. Ook hier zijn de wat diepere stukken vaak goed. Op grote meren vis ik vaak hetzelfde als op de zandputten, gewoon onderaan het talud of aan het einde van een zijtak die weer met het grote meer in verbinding staat. Havens zijn ook goede stekken op deze wateren maar daar hou ik zelf niet zo van. Ik zit liever in de natuur, maar dat is eigen keuze natuurlijk.

2. Montage
De montage is vrij simpel vissen hoeft niet zo moeilijk te zijn. We beginnen met schuiflood op de hoofdlijn te doen, gewicht 50 gram en met stromend water of heel diep water 70 tot 80 gram zwaarder is gewoon lastig uitgooien met ook het gewicht van de aasvis erbij, dan een kraal of knijploodje om je knoop te beschermen tegen het schuiflood, dan een wartel vastknopen aan je hoofdlijn, aan de andere kant doe ik een stuk fluorocarbon van 30 cm met daaraan een staaldraad vastgeknoopt van 40 tot 45 cm, fluorocarbon vastknopen aan de wartel die aan me hoofdlijn zit, aan de onderkant van mijn staaldraad zit een splitwartel.

Waarom? Omdat ik graag van stingers verwissel in verband met de grote van mijn aasvis. Ik doe eerst een stinger op de wartel en daarover nog een dreg, stinger maat 6 dreg en de bovenste dreg bij de wartel maat 4 of 2, ook vis ik met enkele dreg met halve stukjes vis, vangt goed en je kan lekker snel aanslaan, hier een paar voorbeelden.

3. Uitrusting
We beginnen met de hengels, ik zelf vis het liefst met karperhengels van 3lbs en 3.60 meter lang, hengels van 3 meter zijn ook goed maar ik hou van de lengte in verband met stekken die keien langs de kant hebben, hengels van 2.75lbs tot 3.25lbs zijn perfect voor de job. Molens heb ik zelf Shimano-baitrunners omdat dat gewoon werelds vist. Als lijn pak ik nylon omdat dat lekker de klappen van het kopschudden opvangt en je zo veel minder vissen zult verspelen. Ik pak zelf altijd 35 honderdste met een trekkracht tot 15 kilo, de lijn moet zinkend zijn en het liefst donker van kleur daar kan je vaak op alle wateren mee vissen. We vissen immers op de bodem die ook donker van kleur is.

Er wordt gevist met grondsteunen of een rodpod met daarop beetmelders, op de achterkant van de rodpod komen rubberen steuntjes waar je de achterkant kan in klikken of duwen, ook komen daar de indicatoren adaptor stems op. Dit zijn steunen speciaal ontwikkeld om je swingers aan te klikken, je draait ze samen vast met de achtersteun, er wordt met pikeswingers gevist dit zijn swingers die aan de achterkant zitten en je zo met een openbeugel-systeem kan vissen, de snoek tilt even de swinger omhoog en vervolgens word de lijn de swinger uitgetrokken waardoor de snoek daarna vrij spel heeft.

Een goed schepnet is ook van belang en een karpernet met latex mazen is een lust. Ik vis er nu zelf al een tijdje mee en niks is makkelijker om je haak te verwijderen als deze vast zit in je net. Dankjewel Dam voor dit supernet MAD 42inch, een net van 42 tot 46 inch is een goede breedte voor het scheppen van zware vissen over een meter, en met een lange steel die erbij zit kan je overal terecht.

Voor de rest heb je dan nog een stoel nodig en je tas met spullen en een koelbox of tas met aasvis, ook wordt er altijd gebruik gemaakt van een onthaakmat wat voor ondervloer dan ook we praten immers over dikke kilo vissen die altijd beschermd moeten worden tegen kou, vuil, sneeuw, ijzel of een harde ondergrond. Dit geldt ook voor de kleinere vissen die de toekomst zijn.

4. Aas
Aas waar ik altijd voor kies is zeevis en dan vooral de vette zoals sardine, makreelsoorten, haring en spiering. Ik snap het nog steeds niet, want een snoek komt nooit een makreel tegen en toch zijn ze er gek op, de vettigheid is de boosdoener. Grote snoeken zijn best wel lui en willen zo snel mogelijk dik worden. Een sardine staat wel gelijk aan vier grote voorns dus de keuze is snel gemaakt voor big mama, vet wil ze en super dik worden om zich te beschermen tegen de kou. Al deze aassoorten kan je zowel heel als half bevissen, heel met een stinger erbij en half met een enkele dreg, voor de zachtere aassoorten gebruik ik baitfins over de dreg, zodat deze beter blijven zitten met uitgooien. Voorvoeren of bijvoeren werkt ook perfect, je maakt hierdoor een groter geurspoor wat meer vissen aantrekt of vissen van iets verder dan je stek aantrekt. Aas is ook makkelijk te bestellen online via (www.roofvisaas.nl).

5. Verzorging
Als het gaat om de verzorging van de vis dan staat dat toch wel bovenaan de lijst. Dit is mijn manier van de perfecte verzorging, om te beginnen niet te grote haken gebruiken en de vis altijd langzaam drillen, niet hart trekken eraan zo gaat de vis vaak alleen maar kopschudden en los je de haak als deze net niet super gehaakt zit. Dan een groot schepnet om de vis goed te landen en het liefst een net die ook uit elkaar kan of ingeklapt kan worden, op deze manier kan je de vis veel beter tillen check wel altijd even of de zijvinnen goed langs het lichaam lopen voordat je de vis eruit tilt. Dan zoals ik al vertelde leggen we de snoek altijd op een onthaakmat voor bescherming, zorg ook dat de mat goed nat is alleen het vocht van het net is niet voldoende, zorg dus dat je een klein emmertje bij je hebt belangrijk voor de slijmlaag.

Dan onthaken we de snoek voorzichtig met een lange goede stevige tang, daarna stop ik de vis altijd even in de sling zodat ze kan bijkomen en ik mijn fototoestel kan klaarzetten en zelf ook even kan bijkomen. Dan na ongeveer 10 min halen we de snoek er weer voorzichtig uit let weer op de zijvinnen en leggen we haar weer op de mat, dan kunnen er foto’s gemaakt worden, hou de vis nooit langer dan 2 min uit het water mocht je foto slecht zijn kan je ze nog overmaken en de vis heeft weer zuurstof. Daarna laten we de vis weer voorzichtig terug zwemmen, omdat ze in de sling hebben gezeten schieten ze vaak als een speer weg en heb jij als visser weer een goed gevoel.

Tip:
Ook in het donker kan je goed snoek vangen vaak heb je dan ook als bijvangst een snoekbaars, want die zijn midden in de nacht ook zwaar actief, ga wel vissen op de stekken die je kent dat maakt het een stuk veiliger.

Ik hoop dat door deze informatie mensen meer dikke vissen gaan vangen en beter gaan zorgen voor de vis en dat is in het algemeen bedoeld zodat we allemaal kunnen genieten van gezonde vissen en een mooie natuur, en misschien wacht daar ergens pikezilla ook op jou zoals ze ook op mij lag te wachten.

Albert Dekker.