De vakantieperikelen beginnen erop in te hakken ben moe van het vele vroege opstaan en de vaak veel te korte nachten slaap. Vele uren actief vissen in weer en vooral veel wind. Maak leuke avonturen mee, maar wat in mijn ogen veel belangrijker is maak een hoop lol in de boot en op Facebook! Toch, het aasvissenvirus gaat waar het kruipen moet en kietelt al een flink aantal dagen in mijn hersenpan. Als een junk moet ik, ik moet een shot halen! Waarom? Gewoon omdat het kan, omdat het van tijd tot tijd gewoon kicken is om achter de hengels te kruipen. Zeker nu ideeën te over, nieuwe stekken gevoed door vrienden maken mij grootwater gekte de enorme kick om daar een snoek te vinden die “JOU” aasvis wel lust onhoudbaar! Brrrrrrrrrr geef me de shot nu IK WORDT GEK!!
Tekst en foto’s Sebastiaan Verkerk
Dwangbuisneurose, de dag voordat Nico en ondergetekende de aasvissen gaan uitlaten loop ik alles na. Je kent het vast wel. Hier ligt wat en daar ligt wat. Tussen de andere vis spullen haal ik nog wat essentiële zaken vandaan die tijdelijk verhuisd waren naar andere bakken enzovoorts. Soepele winternylon wordt weer vervangen voor de vertrouwde zinkende dynema. Het mag nu allemaal wat minder subtiel in de warmere periodes. Batterijencheck bij de piepers, oké.
Eten, drinken halen bij vriend Appie en gelijk wat avondeten warm maken. VISITE!! Onverwacht oeps plannen bijstellen, minder slapen oeps wat warrig en opgejaagd loopt deze junk zijn spullen na. Vijf uur slaap wordt vier uur slaap, naar bed. Als een klein kind voor zijn jarige dag kan ik niet slapen. Rusteloos, bang om te verslapen, niks vergeten alles spookt door mijn hoofd. Twee uur ’s nachts uit bed koffie drinken broodjes smeren. Ag man Bassie ga nog even slapen man. Uurtje later toch nog wat rust gepakt. Wekker gaat, knallen hop richting Nico daar waar we samen hebben afgesproken te vertrekken. Het is nog drukkend warm, de weergoden zaten er weer eens compleet naast met hun voorspellingen. Zou vandaag ook fijn zijn als deze vooruitziende heren van het weer eens naast de pot zoude pissen. Weeralarm op teletekst kans op zware onweersbuien met onstuimige regen. Jaja was gister ook al voorspelt op de warmste dag tot nu toe, van beide was niks gekomen wel vies broeierig klef weer. De kansen voor een geslaagde dag zijn daar. Opwarmende waterlagen , teruglopende kunstaasvangsten. Zouden we vandaag jackpot krijgen?
Kwart voor vijf is het als Nico mij de handschut in deze grauwe ontwakende wereld . Boot te water, inladen en hop we zijn vol verwachting onderweg. Op weg naar een dosis een shot YES YES YES!!
Om over de planten te vissen was het handig om de toppen hoog te houden.
De wind staat net verkeerd, met wat moeite wordt de boot zo neergelegd dat de lading aan land gebracht kan worden. De plek is wat aan de kleine en smalle kant voor twee vissers. Ongemakkelijk, onwennig wordt alles in gereedheid gebracht. Na een vijftien minuten voorbereidingen en wat rommelen onder een bakkie koffie verder besluit ik maar vast een van de hengels in te gooien in plaats van deze wat later uit te varen. Na een drietal worpen ligt die eindelijk goed. De eerste twee belanden zoals verwacht bovenop het talud. In dit geval verkeerde boel, hier staan de waterplanten en maar een klein metertje water voordat de muur na beneden valt naar vijf meter water. Wat direct eigenlijk ook opvalt nu de wind schuin op de stek staat is al het groene druifvuil binnen enkele ogenblikken op de lijn gaat hangen. GRRR dat wordt nog wat vandaag.
Lastig voor de beetregistratie dat groene drijfvuil.
Eén piep, nog een piep gelijkmatig in het ritme van de golfslag nog zo’n geluid uit de beetverklikker doet mij aarzelen. Ag roep ik nog naar Nico het zal wel vuil zijn welk mijn lijn loopt te terroriseren. Gewoontegetrouw toch even voorzichtig voelen of er iets aan de andere kant van de lijn ons voor de gek houd in plaats van het veronderstelde vuil. Swinger voorzichtig loskoppelen, hengel nog iets omhoog, mmmm BAM HANGEN JONGUH!! Lekker begin net twee minuten in en de eerste meld zich al!! Juist na een korte maar heftige dril wordt het net er na een tweede poging vakkundig ondergeschoven. In the pocket. Onthaken meten, leuk begin met zevenentachtig centimeters goed gevulde snoekmans die van een verse voorn niet af kon blijven. Grootste gedeelte van Nederland ligt hoogstwaarschijnlijk nog op één oor en beide hebben we nu al een grijns van oor tot oor.
Verbaasde blikken na de bliksemstart.Binnen twee minuten de eerste.
Zonder veel aarzelen kiest de vis zijn herwonnen vrijheid na het terug zetten. Motivatie is met duizend procent gestegen. Waar is mijn andere hengel die bijna klaar lag? Sardine richting horizon FOUT, sardientje in de salade. Peilhengel dan ter ondersteuning net over de onderwater heg. Nog een worp met aasvis oeps wederom foute boel! Aasvis die zijn eigen vluchtschema heeft. Binnen draaien die blanco onderlijn. Voorn lek prikken, takelen en vliegen met die hap. Plons, voelen “JA” die zinkt mooi naar beneden, plop lood op de bodem, lijn strak draaien, hengel op de rodpot. Lijn nog iets aanspannen Hé!!! Wat gebeurt er? Beugel dicht en Hangen. Moet niet gekken worden Nico en ik springen als een paar kleine kinderen van ongeloof. De swinger hing nog geen eens in de lijn of ik had alweer beet! Meer en zwaardere weerstand geeft deze vis duidelijk aan dat ze een maatje groter is als de vorige. Na enkele spannende minuten en vele vlucht pogingen ligt ook deze snoek in het net super netjes gehaakt. Routine matige handelingen volgen en van de meteropnemer heer Nico krijg ik te horen dat deze de magische grens makkelijk gepasseerd is.
De eerste meter van een nieuwe stek.
WTF spookt er door mijn hoofd en terwijl ik dit denk hoor ik het naast me hardop uitgesproken worden. Haha waar zijn we in beland wat gaat dit nog brengen? In een relaxtempo wordt alles verder in gereedheid gebracht. Nico worstelt met zijn boot tegen de wind in om onze lijnen naar de plek van bestemming te brengen. Ondertussen verlies ik op onhandige manier mijn evenwicht. Plons, ponk, krak nat pak, bril kwijt maar er is gelukkig niks met mijn hengel. Het uitvaren valt allemaal niet mee met deze steeds aansterkende wind., gelukkig worden de aasvissen inclusief lokkertjes toch vakkundig naast de boeien gedropt.
Weinig plek voor de visser op deze stek..
Tijd voor koffie en een versnapering. Wat piept er nu in het struikgewas? Beide hengels tegelijk nu blijkt er een half wier veld langs te komen drijven en blijft in eerste instantie in Nico’s lijnen hangen. Gaat eigenlijk de gehele dag zo verder. Beide worden we ermee lastig gevallen. Gedonder in de verte de wind gaat liggen! O,jee teletekst geeft weeralarm code oranje. En wij zitten hier aan het grote water.
Stilte voor de storm. In een bizar grauwe omgeving.
Overleg uitzitten of…………………. Vluchten? Doorgaan en letterlijk wel zien waar het schip strand lijkt ons beide een goed idee. Hevige plensbuien worden afgewisseld door prachtige lucht en lichtshows van moeder natuur. Tussen de ellende door zien we nog kans om de voerboot opnieuw wat aasvissen weg te laten brengen. Wat erg opvalt zijn de laag over het water vliegende muggen en aanverwante gevleugelde insecten. Naast het gedonder komt er geen actie meer in de hengels. Jammer we waren misschien wel ondanks de vroegte net te laat voor meer actie of zou het weer en de luchtdrukverandering meegespeeld hebben. Eén ding staat vast ik kom terug! Het gebied is een klein beetje in kaart gebracht misschien maar eens voorvoeren? Ideeën genoeg, nu de tijd en de mogelijkheden bekijken. Meerdaagse sessie? Binnenkort meer………
In het vorige artikel hebben we verschillende soorten dobbers behandeld. Ik wil het nu graag hebben over welke lijn wij gebruiken en waarom wij die voor deze visserij het beste vinden. Wat zijn bv de voor- en nadelen van een nylon lijn tegenover een dyneema lijn ? Of is er helemaal geen verschil in het gebruik? Zo zijn er een aantal zaken die ik de revue wil laten passeren.
Tekst en foto’s Willem Zijlstra
Er is heel veel keus in nylon lijnen.
Voor mij heeft nylon een paar belangrijke voordelen boven dyneema. Een van die voordelen is dat nylon veel gladder is dan dyneema, waardoor de dobber veel makkelijker over de lijn glijdt. Zo zal je aasje dus eerder op de gewenste diepte zijn die je voor ogen hebt en je hoeft je geen zorgen te maken dat de dobber halverwege blijft steken omdat de lijn te stroef is en hem tegen werkt.
Onze keus.
Ook het rubberen stuitje wat je op de lijn schuift om de dobber op de gewenste diepte te houden, heeft minder last van wrijving en zal minder snel kapot gaan. Wat je hier eventueel als alternatief voor kunt gebruiken is een stuitje dat gemaakt is van draad.
Topsport op de pen!Niet alleen snoekbaars.
We weten dat de snoekbaars een onberekenbare en soms schuwe vis is en soms maar moeilijk te vangen. Ik wil dan ook alles uitsluiten wat in mijn ogen de vangst van een snoekbaars negatief kan beïnvloeden.
Doordat nylon gladder is zal het minder weerstand in het water hebben dan dyneema, wat bij een aanbeet van een argwanende snoekbaars, een groot voordeel is. Want wanneer deze maar de minste weerstand voelt zal hij of zij al snel het aangeboden aas loslaten.
Onder bruggen i.v.m. obstakels vaak wat dikkere lijnen.
De rek in een nylon lijn is in mijn ogen bij het penvissen en de daarvoor gebruikte hengels ook een voordeel. Doordat er in dyneema geen rek zit zou je je hengel kunnen breken wanneer je aanslaat als je bijvoorbeeld vast zit onder water zonder dat je dat in eerste instantie in de gaten hebt. De dikte van de nylon waar wij mee vissen varieert en verschilt per water.
Op een vaart vissen wij met 0.20 tot 0.22 mm draad. Dit is wat dikker omdat je op dit water vaak rotzooi tegenkomt zoals bomenstronken onder water, of een bepaalde soort matten die ze gebruiken bij de aanleg van een walsbeschoeiing. Op groter en open water gebruiken we meestal een wat dunnere lijn van 0.18 mm.
Vissen met de pen in de mooiste omgevingen dat is genieten.
Het volgende artikel zal gaan over de hengels die we gebruiken en waarom.
Tot dan, Willem Zijlstra
Benieuwd naar het eerste deel vissen met de pen op snoekbaars klik dan HIER!
Het werd al een tijdje vol verwachting aangekondigd in de diverse media; Het SNB Promotieteam zou van start gaan. En met gepaste trots mogen we zeggen: Het Promotieteam van de SNB heeft een prachtige entree gemaakt. Tijdens twee zeer geslaagde jeugd activiteiten van twee Federaties heeft het SNB Promotieteam een indrukwekkende bijdrage geleverd.
Met visboten in Breukelerveen
De allereerste keer dat ons Promotieteam optrad was op zaterdag 15 juni tijdens de jeugdvisdag van Federatie Midwest Nederland in Breukelerveen. Er was een grote hoeveelheid kinderen op dit evenement af gekomen en namens de SNB werd het roofvis deel verzorgd. Met maar liefst 14 boten werd de deelnemende jeugd in de gelegenheid gesteld om een uur lang het water op te gaan om kennis te maken met de diverse vistechnieken die je vanuit de boot op snoek kunt inzetten. Niet onverwacht, maar daarom niet minder leuk werd deze activiteit later door de jeugd met afstand als meest spectaculaire van de dag ervaren. Een prachtige opsteker voor ons kersverse Promotieteam.
Clinics op 22 juni in Doetinchem
In Doetinchem werd door Federatie Midden Nederland aan de Oude IJssel ook een jeugdvisdag gehouden. Hier werden vijf clinics verzorgd waarvan ook hier het roofvissen door de SNB voor haar rekening werd genomen. Een viertal leden van ons Promotieteam was aanwezig om de jeugdige vissers te leren hoe ze een stalen onderlijn zelf kunnen maken, werd uitleg gegeven over de verschillende soorten kunstaas en daarnaast kon de kennis aan het water werpend en vissend in de praktijk worden gebracht.
Het SNB Promotieteam heeft hiermee haar status definitief gevestigd. Belangstellende verenigingen, federaties, leveranciers of anderen kunnen zich bij de SNB melden om het Promoteam te boeken. In overleg kan bekeken worden wat wij voor u kunnen doen, maar op korte termijn zullen wij komen met een aantal kant en klare producten die wij u “vanaf de plank” kunnen aanbieden.
De nieuwe Ikiru Crank pluggenserie bestaat uit de Mini en de “gewone” Crank. De Mini’s doen hun naam eer aan en zijn erg klein maar hun daden benne groot! Ondanks het miniformaat zwemmen ze kaarsrecht en ook onder grote druk blijven ze hun aansprekende actie houden. De dieplopende Mini is killing op de rivieren en vaarten. De ondiep lopende is overal inzetbaar en een echte baars-catcher. Voor roofblei is dit plugje in bepaalde periodes ook onweerstaanbaar en goed te werpen. Wil je afstanden overbruggen, dan werkt de combinatie met een sbirolino super.
Tekst en foto’s: Henk Simonsz
Dan de “gewone” Crank. In het water is hij zeker niet gewoon! Ik heb er nu veel mee gevist en het is een steengoed plugje waar ik veel vis mee vang. Vooral snoekbaars en baars pakken hem graag. De ondiep lopende SL is ook erg fijn om mee te werpen op alles soorten vis. Hij gooit strak en nauwkeurig. Die longlip LL wil graag naar beneden en je kunt hem makkelijk tussen de 3 en 6 meter diep vissen, afhankelijk van je lijndikte en de stand van je hengel. Op wateren met schone bodems kun je hem lekker over de bodem laten stuiteren zonder dat hij uit koers raakt. Hij herpakt zich razendsnel en blijft goed zwemmen.
Snoekbaars en baars zijn met de Crank goed te benaderen en met de LL ook op de diepere stukken.
Ik weet zeker dat de Ikiru Cranks veel roofvisvissers goed zullen bevallen want ze hebben alles wat een moderne plug moet hebben, tot aan fijne kleuren toe. Op momenten dat we bijvoorbeeld de snoekbaars gevonden hadden en wisten waar ze lagen, gingen we met allerlei soorten en maten pluggen over deze stekken heen. Is bij regelmatig gebruik namelijk een goede manier om een plug op zijn waarde te schatten. Deze Cranks zaten bijna altijd bij de beste…
De Cranks hebben de juiste actie waardoor ze met name door baars en snoekbaars gretig worden gepakt, maar ook snoek weet er wel weg mee!
Succes!
Henk Simonsz
Voor meer informatie over de Ikiru serie, ga naar: www.spro.eu
Noem drie wereldwijde topmerken van molens en reels en gegarandeerd dat Daiwa daarbij zit. Daar waar Daiwa een begrip is in Nederland onder de zeevissers en karpersvissers blijft het bij de roofvissers wat achter. Om daar verandering in te brengen is het gehele RdK-Baits Prostaff Team afgelopen maandag uitgerust met de Daiwa Caldia.
Het RdK-Baits Prostaff Team is voornamelijk actief binnen de snel groeiende tak van hengelsport; Streetfishen. Het succesvolle Rdk-Baits Prostaff Team wil met materiaal vissen wat volledig is afgestemd op de visserij van het streetfishen. Vandaar dat de keuze is gevallen op de Daiwa Caldia.
Joris Wijnja van Daiwa-Cormoran ontving het gehele RdK-Baits Prostaff Team in de prachtige showroom in Dronten. Behalve een zeer ruim assortiment van molens was er meer dan genoeg ander moois te zien. Al snel werden de Cadia’s onder de loep genomen en opgespoeld met lijn.
Na de overhandiging van de molens zijn Bart en Jouke nog even gaan testen. En niet zonder resultaat! Al bij de eerste worp werd de Reins G-Tail genomen door iets wat de slip van de Caldia deed roken. Missie geslaagd; snoekbaars van 87 cm!
Conclusie: Daiwa en RdK-Baits is een perfecte combinatie waar jullie nog veel van zullen zien!
Meer prioriteit voor de sport en super strenge winter
De geschiedenis van de snoekvisserij in Nederland beschrijven, is natuurlijk meer dan enkel en alleen het vissen op deze rover met de eendensnavel onder de loep nemen. Er zijn ook bestuurstechnische en politieke zaken die bepalen of we als snoekvisser aan onze trekken komen of juist beperkt worden in het uitoefenen van onze hobby. Vooral de politieke kant van de zaak is vaak moeilijk te begrijpen voor de doorsnee snoeker. Dat is niet alleen anno 2013 zo, en dan denk ik aan het door de politiek ingevoerde verbod op de levende aasvis.
Tekst en foto’s Jan Eggers
Dit is de oogst aan onderlijnen, takels, ongeschikt kunstaas voor de polder dat een beroepsvissers in de jaren 1960 – 1980 in zijn fuiken vond, werpen was toen moeilijk.
Maar ook aan de wensen van het beroep om weer schubvis te mogen vangen, maar dat was in het verleden ook regelmatig het geval. Als je het geluk hebt dat er een kabinet komt met een minister van landbouw die oog en hart heeft voor de sportvisserij, ben je beter af dan wanneer deze bewindsman, of -vrouw, dat sportvissen maar niets vindt en liever naar de actievoerders van de Dierenbescherming luistert. Zo rond 1965 had de sportvisserij het zo slecht nog niet getroffen met de verantwoordelijke minister. Ik noemde zijn naam al, Barend Biesheuvel die het later zelfs nog tot minister-president zou schoppen. Zo werden er een aantal bekwame mensen uit de sportvisserij benoemd op verantwoordelijke posten bij het ministerie. De contacten tussen de minister en de AHB en het CNHV werden geïntensiveerd en men luisterde naar elkaar. Je zou heel eenvoudig kunnen stellen dat het ministerie begon in te zien dat de belangen van de sportvisserij belangrijker waren dan die van de in aantal slinkende beroepsvissers op het binnenwater. Vroeger waren de veranderingen qua visserij wetgeving praktisch altijd in het voordeel van het beroep uitgevallen, nu veranderde dat. Ik noem nog maar even de verhoging van de minimummaat van snoek naar 50 cm en de langere wettelijk gesloten tijd voor vriend Esox lucius. Beslissingen waar het beroep fel op tegen was.
Snoekvergunning kon je in die tijd meestal in beperkte mate alleen via de beroepsvissers krijgen, nu is alles veel beter geregeld op dit punt.
In deze periode beginnen een aantal wezenlijke veranderingen in het politieke denken waar de sportvisserij later veel voordeel van zou krijgen. Er komen niet alleen discussies over de wetgeving en maar ook over de versnippering van de vergunningen. Van veel viswater waren de visrechten in handen van de beroepsvissers, vooral om met wat men toen de “speciale hengel” noemde met kunstaas en levend aas op roofvis te mogen vissen. Ik weet nog dat er bij de visclub in De Rijp vaak geloot moest worden om een snoekvergunning te bemachtigen. De beroepsvissers gaven maar een beperkt aantal van deze vergunningen uit, beducht als ze waren voor teveel concurrentie. Het kon gebeuren dat er soms meer snoekvergunningen nodig waren en die werden dan nog wel eens voor een hogere prijs beschikbaar gesteld. Het snoekseizoen in de Eilandspolder was toen veel korter dan nu, namelijk van 1 september tot en met 31 december. Door de strenge winter van 62-63 was de visstand in veel ondiepe polders enorm gekelderd en ik weet nog goed hoe er tonnen dode vis, waaronder veel mooie snoeken, achter de sluis in De Rijp opgeruimd moesten worden. Het gevolg was dat er zeer weinig animo was om een snoekvergunning voor de herfst van 1963 aan te schaffen. Maar dat loste men op door te stellen dat wie nu een snoekvergunning kocht, er verzekerd van was dat hij de volgende 5 jaar er ook een zou krijgen en dus niet hoefde te loten. Handig gedaan!
Ook na de strengste winter blijven er enkele snoeken over die dan voor een nieuwe generatie zorgen.
Het was verbazingwekkend om te zien hoeveel kleine snoekjes er zich in een mum van tijd tot 40 cm en nog groter ontwikkelde na deze strenge winter. Er was volop ruimte voor de kleine snoek waardoor ze snel groeiden en reeds na een jaar aan het paaiproces deelnamen. Zo ziet men maar weer eens dat Moeder Natuur altijd weer met passende oplossingen komt.
Je was toen meer bezig met het niet verspelen van vaak te zwaar kunstaas dan met het vangen van snoek.Er waren veel advertenties met deze Hurricane Spinner en ik moet hem altijd nog een keer testen.
Veel nieuwe zaken in oude visbladen.
Ik vertelde al eerder dat het snuffelen in de oude jaargangen van de verschillende hengelsport bladen, De Sportvisser voorop, uit de 60er en 70er jaren van de vorige eeuw heel veel goede herinneringen naar boven brengt. Ik zie namen van auteurs waar ik toen met eerbied tegenop keek en die later goede visvrienden werden. Ik denk dan aan Jan Schreiner maar ook Jan Veenhuysen, Rein van Rutten en Cor van Beurden. En verder aan Peter Zaagsma, Andre Steentjes, van wie ik later veel vliegvisboeken en splitcane hengels kocht, en Iwan Garay.
Jan Schreiner schreef in deze periode veel boeken over spinnen met kunstaas en dan vooral in de polder.
Midden 60er jaren schrijft J. Durivou Jr. veel over vliegvissen op ruisvoorn en licht spinnen in de polder en omdat hij vlakbij me in De Rijp kwam wonen, gingen we vaak samen de polder in en leerde ik vooral de kneepjes van het vliegvissen en zo ook het snoeken met de streamer.
Na aflevering 4 vroeg lezer Mike-V op het forum wanneer er voor het eerst met de streamer gericht op snoek werd gevist? Ik weet zeker van begin 60er jaren want toen schreef Frans Domhof een artikel over het vissen op snoek met de Matuka streamer.
De eerste Rapala advertentie die ik in 1968 tegen kwam.In de bladen kwamen ook artikelen over onderzoek bij snoek en ook kwam ik al verzoeken aan de OVB tegen om onderzoek naar dressuur bij snoek te doen.
Er komen al meer advertenties van kunstaas en dan vooral kunstaas voor het snoeken in de polder. Over snoeken op de rivieren en randmeren lees je eigenlijk niets en de snoeken die op het grote water zoals Vinkeveense plassen, Sloterplas, Maarseveense en Loosdrechtse plassen gevangen worden, pakten bijna zonder uitzondering een levende aasvis. Je zou kunnen stellen dat KRO kanjer-koning Willem Bouwman de uitzondering was met zijn kanjersnoeken van de Wijde Blik en Spiegelpolder die een grote plug pakten. De grootste pluggen die ik me uit deze periode kan herinneren waren de 40 grams Abu Hi-Lo pluggen met verstelbare schoep. Ik heb dit model later bij snoekinstructiedagen veel gebruikt om te laten zien dat de stand van de schoep bepalend was voor de diepgang van de plug.
DE 40 grams Abu Hi-LO was vele jaren langs de grootste plug in mijn viskoffer maar ik had meer vertrouwen in de kleinste maat. Wel de rubbertjes van de dreggen halen, ik ken het gevoel als je dat niet doet…
In de advertenties zie je de overgang van splitcane naar het veel lichtere holglas hengels en licht vissen was toen wel in de mode. Het is ook een komen en gaan van een heel groot assortiment werpmolens. De oude rol, zowel van hout als aluminium, verdwijnt, en heel af en toe lees je over de rechtshandige Abu Ambassadeur. Mijn favoriete molen, de Abu 505 wordt 10 gulden goedkoper in 1963, dus 55 gulden en gaat 2 jaar later weer naar 57 en 59 gulden.
De oogst uit de fuiken van de laatste 15 jaar, meer kunstaas en minder onderlijnen met dreggen.Kanjerkoning Wim Bouwman vertelt hoe hij gericht op kanjersnoek vist.
We zien in 1963 de eerste advertenties voor snoekreizen naar Ierland van reisbureau BBI uit toen Emmen en nu Groningen en ze heb net hun 50 jarig jubileum gevierd. Wat ook opvalt is dat goede snoekvissers en specialisten op castinggebied hengelsportspeciaalzaken beginnen. Hier komen enkele namen: Jan Schreiner en Willem Persoon runnen Flitsend Nylon in Amsterdam en ik heb wel eens met mijn neus op de etalage gedrukt staan kijken naar al dat moois dat toch wel duur was en ik durfde niet naar binnen… Cor van Beurden kwam in de winkel van Sciarone in Den Haag, Ronald Fenger en Ben Pont begonnen in Rotterdam en Jonny Broers had een speciaalzaak in Amsterdam. Dit waren allemaal winkeliers die vooral goede voorlichting konden geven over hoe al die nieuwe spullen in de praktijk te gebruiken.
De meeste van deze nieuwe spullen werden nog in Europa geproduceerd en vooral uit Zweden, Finland en Frankrijk kwamen interessante zaken. Slechts heel mondjesmaat kwam er iets uit Amerika en een van de eerste kunstaasjes die hier ook succes hadden, was de flexibele zacht plastic twisterstaart. De discussie over wat beter en sportiever is voor snoek: kunstaas of levend aas, ging maand in maand uit soms vrij heftig verder. De beste opmerking daarover die ik in De Sportvisser van januari 1969 las, was deze: het maakt niets uit welke manier men gebruikt, het gaat vooral om de mentaliteit van de visser! Ik zou deze uitspraak later ook vaak gebruiken bij het verdedigen van een takel bij gebruik van dood en levend aas. Een enkele haak die geslikt wordt is veel dodelijker dan 2 dreggen die voorin de bek zitten.
De jeugd snapte het. De 10 jarige Peter Hoogewerf uit Haarlem ving een 94 cm snoek en zette deze terug in de hoop haar later als metersnoek nog een keer te vangen.Geeft informatie over deze snoek en de andere links
Maar goed, ondanks de zeer positieve houding van alle redacteuren en free lance medewerkers van de diverse bladen over catch and release van snoek, komen we nog steeds de nodige foto’s tegen van dode metersnoeken. Waarom? Waarschijnlijk ter meerdere eer en glorie van de vanger die abonnee was en de doorsnee lezer was gek op dit soort plaatjes met daarbij nog een smeuïg vangstverhaal. Ik zal op het einde van dit hoofdstuk nog wat foto’s van volslanke snoekgroetmoeders tonen, nu eerst nog iets over hoe het mij toen verging.
DE voorpagina’s werden beter, men hield ze niet meer in de ogen vast.,
Van veen naar klei
Ik wil in dit zesde hoofdstuk naast enkele landelijke snoekgebeurtenissen ook nog enige grote veranderingen in mijn eigen snoekvissersleven kwijt. Nee, niet dat ik eind 60er jaren trouwde en meteen stukken minder mocht snoeken van mijn vrouw. Daar heb ik nooit last van gehad. Wilt u een grappig voorval op dat gebied? Op mijn trouwdag, op 1 oktober dus midden in het snoekseizoen, ben ik van 8.30 tot 12.00 uur wezen snoeken en ving ik nog 4 snoeken, 2 aan de spinner en 2 aan een kleine plug. Echt waar! Het snoeken in genoemde Eilandspolder ging in die periode trouwens snel achteruit. Door de eutrofiering werd het water troebel, verdwenen de waterplanten en daarmee ook de snoek. We kregen er snoekbaars voor terug, maar echt blij was ik daar niet mee. In die periode was ik al grotendeels overgeschakeld op het vissen met kunstaas, vooral met spinners en door schade en schande leerde ik hoe dat het beste ging.
In 1971 verhuisde ik naar Bovenkarspel en daar ontdekte ik dat in deze diepere kleipolders de snoekstand niet alleen stukken beter was dan in de veenpolders, maar dat men hier ook anders snoekte. De aasvissen waren veel groter, men viste vaak in het midden van de vaarten, met pluggen ving ik meer dan met spinners en…. de snoeken werden hier veel groter. Wat me in al die jaren snoeken rondom De Rijp nooit gelukt was, lukte hier wel: ik ving mijn eerste metersnoek en tevens vele exemplaren tussen de 80 en 100 cm. Ik denk dat snoek, en ook de andere vissen, in het kalk – en voedselrijke water met een hogere pH van West-Friesland veel sneller groeien dan in het zure en voedselarme water van de veenpolders. Ook de “aankleding en stoffering” van deze grote polders met namen als Het Grootslag, De Vier Noorderkoggen en De Drieban zag er heel anders uit. Weinig groene weiden maar vooral een tuinbouwgebied dat toen door de grote ruilverkaveling uitgebreid op de schop genomen werd. Gelukkig had ik al snel een paar nieuwe vismaten die me vertelden bij welke beroepsvisser je een snoekvergunning kon kopen en hoe je vooral met een bootje bij de beste stekken kon komen.
Echt er was, en is nog steeds, zoveel viswater dat je niet wist waar je moest beginnen. Mijn geluk was dat ik een stukje nog niet verkavelde polder vond tussen de oude provinciale weg N506 en het dorp Venhuizen, lokaal bekend als Houterpolder. Er was maar een hoofdsloot van een paar km lengte en nog een stuk of 4 zijsloten, meer dan voldoende om met heel veel plezier in mijn eentje te bevissen, al was het alleen maar om de 40 cm plus baarzen. Bij de oude vrijgezelle broers Koorn onder aan de IJsselmeerdijk kon ik mijn roeibootje stallen
Onder aan de dijk bij Venhuizen lag mijnranke bootje bij de gebroeders Koorn van wie ik wel eens een lift als ik de polder in ging. Hier kon de snoek groot worden!
Destijds zette ik al mijn gevangen snoeken al terug, doch dat was bepaald niet de gewoonte in dit deel van Nederland. De snoeken werden hier niet alleen gedood voor de pot, maar vooral verkocht aan de visgroothandels die in de steden aan het IJsselmeer genoeg te vinden waren.
De aasvis was en bleef populair en als je ze een tijdje in een witte emmer bewaarde werden ze ook wit en vielen meer op in het water.
Omdat ik de enige was die in dit poldertje viste en geen ruchtbaarheid gaf aan mijn zeer goede vangsten, kon ik de snoeken die ik ving zonder risico dat ze een week later met levend aas gevangen en verkocht werden, netjes terugzetten.
Ik en nog een aantal andere snoekvissers vonden dat verkopen van snoek heel jammer maar wat doe je er aan? Het antwoord is eenvoudig, doch de uitvoering niet: de bestaande regels in de vergunning veranderen. Hoe dat in de Kop van Noord-Holland gelukt is, hoe vervolgens het idee van een Snoekstudiegroep Nederland-België ontstond en hoe er, ook met medewerking van de zojuist gevormde NVVS en Het Visblad, een mentaliteitsverandering bij de snoekvissers ontstond, zal ik in de volgende hoofdstukken beschrijven. Eerst nog wat informatie over echte kanjersnoeken, want dat verveelt snoekvissers immers nooit.
Vertellen het verhaal van de snoek van mevr. Rademaker.
Steeds minder kanjersnoeken?
Als uitzondering op de 15 kg limiet eerst de snoek van 14,5 kg en 118 cm van de Wijde Blik genoemd omdat die door een dame, mevr. Rademaker uit Amsterdam gevangen was. Van hetzelfde, nog steeds zeer goede, snoekwater komt ook de 15,5 kg snoek van J. Niekerk uit Amsterdam en deze snoek was 128 cm lang. Nog zwaarder en langer was de snoek van P. Janbroers,ook uit Mokum,: 16 kg en 127 cm en gevangen in het Kinselmeer. Deze snoek van einde 60er jaren is voorlopig de laatste kanjer die ik te melden heb. Ik heb zojuist een paar uur lang veel visbladen tot begin 1975 doorgebladerd en… geen snoek boven de 15 kg gezien.
Wel zag ik meer aanmeldingen van grote snoekbaarzen en, ook heel interessant, steeds meer commentaar en weerstand tegen dode krantensnoeken. De mentaliteit veranderde echt!!
Ik wil deze 25 jaren afsluiten met goed nieuws voor alle vissers: Op 4 januari 1975 werd door ruim100 hengelsportbestuurders, die 21 hengelsportfederaties vertegenwoordigden, besloten de Nederlandse Vereniging van Sportvissersfederaties, de NVVS, op te richten.
Het is een jaar of 4 geleden dat ik een artikel las over het slow trollen met shads. Deze mannen deden het in vaarten strak langs het kantje en vingen er volgens dat artikel mooie vissen mee. Niet van die mega juupsa’s maar wel strakke aantallen elke keer. Nou is dat slootjes vissen niet helemaal mijn ding, ik weet er zijn er die hebben er mega veel succes mee maar ik heb liever een beste slok water om me heen. Ach, elke gek zijn gebrek!
Tekst en foto’s Hilco van Nuil
Shad power!
Maar het liet me niet los en elke keer spookte het artikel door mijn kop. Had het wel eens geprobeerd zo langs het talud maar echt veel kon ik er niet op vangen helaas. Ik dekte gewoon te weinig water af waarschijnlijk en dat is het probleem in de zomer want dan liggen ze echt all over the place! En dat gepiel met zo een shadje schoot dus niet echt op en de shads kwamen dus weer in een box om in de vergetelheid te geraken!
Op de grinder ook gaaf!
Zo viste ik lekker verder met mijn pluggen en swimbaits en als de plantenzooi te gek werd dan kwamen de ondiep lopende jerks of grinders uit het ruim te voorschijn. Mooi werk en niks meer aan het handje, de vangsten liepen gewoon weer helemaal top! Tot de rottige augustus maand, elk jaar had ik daar een dip in de vangsten! En ik niet alleen….. vaak hoorde ik in de avond, als de vissers weer aan de wal waren, dat het beroerd en hopeloos was. De warmte kreeg de schuld, ze wilden niet… taai taai dat was het!!!!!
Zwarte rovers!
Op weer zo een kansloze dag zat ik troosteloos in de rat loerend naar mijn collega vissers die de taludjes aan het trollen waren. Anderen gooiden zich een breuk met grote stukken rubber of met spinners, de hele kermis kwam voorbij! In een verre hoek van het water waren de aalscholvers vol aan het jagen en ook de futen deden hun best om de maag gevuld te krijgen. Zij vingen goed zo te zien en ik had niet de illusie dat het onder water voor de groenjassen armoede was. Nee, armoede was er alleen voor ons: de koppige vissers!!
Top kleurtje in de zomer!
Moedeloos zakt mijn hoofd naar beneden, het is niks en wordt ook niks meer vandaag. Ik pakte mijn pakje tabak en draaide troosteloos mijn shagje, maar toen ik hem wou aansteken donderde die van mijn lippen!!! Aalscholvers, futen dressuur! BAM… ik zag het licht en dook mijn hengelbak in op zoek naar mijn shadhengel. Helemaal onder de andere hengels, daar lag ze en keek me aan zo van: hehe, hij heeft ook eens een helder moment hoor! Ik stommelde meteen door naar de storage om mijn box met shads te voorschijn te halen! Een big smile kwam op mijn gezicht want zou het dan toch…..is dit de code?!
Doe eens een ratel in je shad erg succesvol!
Snel onderlijnen wisselen, fluor carbon 80 lb dat was de keuze en een mooie shad van 17cm met een 70 gram loodkop. Alles op een lichte jerkbait hengel voor in de steun en slip op standje no way! En op mijn shadhengel voor in de hand monteerde ik een grote shad van 25 cm en een loodkop van 50 gram! Het idee was dat ik de shad op mijn steunhengel redelijk recht onder de boot wou vissen en de grote shad met een dikke schoepstaart achter de boot. De dikke shad met een iets lichtere loodkop kon zo zijn kunsten vertonen in mijn schroefwater en Voila!!!!!
Dressuur monteer een klein spinnerblad!
En daar ging ik, op weg naar mijn heldere moment. Die futen waren allemaal aan het jagen rond de plantenbedden waar die aalscholvers aan het vreten waren. Die deden dus niks anders dan de witvis, die in paniek uit de planten kwamen stuiven, op te wachten!!!!! Ik dacht ha… als jullie dat op die manier doen dan doen die snoekies dat waarschijnlijk ook. Die zijn die grote plonsen met kunstaas dik en dik zat en ze doen nu mooi wat moeder natuur ze aanbied.
Of een grote haha!
Ik zet de buitenboordmotor in standje vooruit en trol zo langzaam het plantenbed rond met mijn shads en ja hoor!! Binnen 3 minuten kreeg ik me daar een ram op mijn handhengel en zodra ik het gevecht aan wil gaan met een beste snoek zie ik mijn steunhengel krom tot het handvat gaan!! En daar sta je dan als een malle te springen in de boot met 2 stokken. Op die manier ving ik er in een dik uur 7 beste snoeken bij. Toen de aalscholvers dachten het is genoeg geweest werd het ook op mijn hengels weer rustig. Ik heb het nooit zo op die aalscholvers maar deze dag hebben ze me toch een beetje geholpen.
Dikke Fish on!
Zoals zo vaak geeft de natuur wel aan wat succesvol kan zijn, je moet het alleen willen zien en niet vastgeroest raken in je manier van werken. Elke ochtend vindt dit festijn plaats dus je hoeft alleen maar op de juiste plek te zijn. Probeer er dan wel een uur eerder te zijn dan de vogels. Dat klinkt maybe raar maar ze liggen dan al op de plek en je kan ze dan goed vangen met een ratelplug of met een shad met een spinnerblad, strak aan de randen van de plantenbedden. Op die manier pak je nog een paar bonus snoeken voor het grote spektakel begint!
De code was voor even gebroken!!!!!!
Reageren op het artikel van Hilco van Nuil? Dat kan gratis op ons Roofvisweb Forum.
Vissen met spinnerbaits is hot. Al een paar jaar lang is dit kunstaas niet meer weg te denken uit de snoekvisserij. In deze review wil ik een spinnerbait beschrijven waar ik de afgelopen 2 seizoenen veel mee gevist heb. De Llungen Nutbuster.
Tekst en foto’s Frans Oomen
Mooie metervis op de nutbuster.
De spinnerbait valt op door zijn iet wat afwijkende loodkop. De onderzijde van de loodkop is wat afgeplat. Hierdoor ligt het zwaarte punt onderin en zal de spinnerbait recht blijven bij hogere snelheden. Daarnaast doet hij waarvoor de spinnerbait gemaakt is, nl door de planten glijden. De spinnerbait weegt 2,4 oz wat overeen komt met 68 gram. Ook aan lichte hengels moet dit nog wel te gooien zijn. Door zijn compacte vorm vis je hem nét iets dieper dan de meeste spinnerbaits. Die diepgang maakt dat ik hem meestal inzet bij losse planten. Zo net na de opening zijn de planten nog niet zo hoog en vis je hem er makkelijk over en doorheen.
Loodkopje.
Het geheel meet 14,5 cm en is daarmee redelijk klein ten opzichte van de andere gekende spinnerbaits. Hierin zit ook direct een van de sterke punten van deze spinnerbait. Hij werpt zuiver! Ik vind dit echt heel belangrijk als je goed wilt grinden. Je kan het dan gewoon niet hebben dat je lijn in bochten over het water en tussen de planten door komt te liggen. Dat is vragen om planten te haken.
Nu we het toch over haken hebben komen we direct bij een ander zeer sterk punt van dit kunstaas. De haak. Vraag me niet wat voor type dit is maar hij valt echt op door zijn lange punt. Veel langer dan de gekende haken die je normaal onder spinnerbaits vind. De lange punt maakt dat je hem goed en vaak scherp kan vijlen. De bocht is ook lekker ruim en kan daardoor mooi indraaien bij een gehaakte vis. De haak zit los van de loodkoop en word gefixeerd door een stuk krimpkous met een soort kit er tussen. Dit blijft niet eeuwig zitten natuurlijk en na 2 seizoenen moest ik het krimpkousje vervangen. Ik heb er een stuk aquarium slang over geschoven en hij doet het weer als vanouds. Je kan dit zien als een minpunt maar realiseer je dat er flink wat vissen aangehangen hebben. Hoeveel weet ik niet meer, maar in elk geval veel!
Haakpunt.
Er zit geen trailer haak op. Door de ruime bocht en scherpe punt is dit ook echt niet nodig. In de 2 jaar dat ik er mee vis heb ik nooit de behoefte gehad er eentje bij te zetten. Ik denk dat Llungen dat anders zelf wel gedaan had. Bedenk ook dat het indraaien niet zo makkelijk lukt als er nog iets achter hangt. Plus je moet bij het zetten van de haak de kracht verdelen over alle haakpunten. Een enkele haak ram je er gewoon harder in!
Keurig in het scharnier gehaakt.
De skirt is van rond rubber gemaakt en ook erg duurzaam. Het wordt op zijn plek gehouden door een rubberen bandje. Omdat dit na verloop kan verteren heeft de fabrikant er een ty-warp overheen getrokken. Het zijn eigenlijk 2 skirts achter elkaar. Doordat ze dicht op elkaar staan heeft het geheel een mooi volume onder water. Tip dus voor als je rubber bandjes op je spinnerbaits hebt zitten: borg ze met een ty-wrapje anders tref je na een tijdje een heleboel rubber draadjes aan in je tackle box.
Ty Wrap
Buiten de skirt zitten er geen andere versiersels op. Ook hier denk ik dat Llungen dat wel gedaan had als het meer opleverde. De spinnerbait is een uitgebalanceed ding dus het versieren met extra twisters en zo zie ik eerder als een verslechtering.
De arm van de spinnerbait zit stevig vast aan de loodkop. Je ziet niet dat er frictie ontstaat tussen lood en arm. Kan ook niet anders want de arm loopt helemaal door de loodkop. Hieraan zit immers de haak aan de achterzijde. Bovenaan zit een klein oogje met daar in een warteltje en een zgn fluted blad. De arm zou door het blad een vibratie mee krijgen wat attractief werkt. Of dat echt meer oplevert weet ik niet maar ik heb het vaker gehoord. De Amerikanen geloven het in elk geval.
Grote vis uit de planten geplukt.
Dit blad geeft een goed hengelsignaal af. Ik vis mijn spinnerbaits graag aan een zware hengel dus is het fijn als je goed kunt voelen dat hij nog lekker draait. De bladmaat is volgens mij een #8. Ik heb op mijn spinnerbaithengel meestal een reel staan met een inhaal snelheid van 5.3 op1 of 5.0 op 1. Trager liever niet. Als je met niet te grote bladen vist is een trage reel nergens voor nodig. Met die snellere reels kun je je spinnerbait in een hoger tempo terug vissen. In sommige gevallen levert dan net iets meer op.
Ik heb mijn Nutbusters destijds in Amerika besteld. Inmiddels zijn ze ook in Nederland te krijgen via www.snoekspinners.nl
Er moet gewerkt worden doordeweeks. Overdag dus gaan tijd om te vissen en in de avonduren meestal thuis nog wel druk met van alles en niks. Vandaag pak ik dus mooi een paar uurtjes in de avond om de plas op te gaan. Een paar dagen per week zorg ik thuis voor het eten i.v.m. de werktijden van mijn vriendin. Ik kan dus mooi een beetje sleutelen aan de avondindeling op een manier die mij het beste uit komt. Bijtijds sta ik achter de pannen en zitten mijn dochter en ik al lekker in de tuin aan ons prakkie als moeders thuis komt. Ik schuif mijn voer naar binnen en “krijg” toestemming om de rest van het gezin te verlaten zodat ik nog een uurtje of wat kan pakken op het water.
Tien minuten later lig ik weer met de hele handel te water en begin ik met de “Ralph” van Derk. Die leverde mij de vorige keer ook vis op dus maar zien wat hij vandaag kan betekenen. Parkeer mijn belly boven 5m water en begin te slepen langs het eiland. Halverwege het eiland zie ik signalen op de dieptemeter en stop even om mijn verticaalhengel te pakken. Als ik de “Ralph” binnendraai en deze vanuit de diepte omhoog zie komen, zie ik een mooie vis volgen. Een kijker, zoals wij die noemen. Wat ik ook doe, het werkt niet. Nogmaals gooien en weer binnenvissen doet die vis weer volgen maar uithalen, mooi niet! Dan maar starten met de shad op die signalen die ik net op de dieptemeter zag… Misschien dat snoekmans wel de oorzaak is maar als ik een klein stukje terug trappel en een rondje draai is er geen signaal meer te zien. Laat staan dat ik hier een vis weet te haken. Verder slepen dan maar. Ik trappel richting de ondiepe plaat en daar aangekomen wissel ik weer van kunstaas. “Ralphie” deed weer zijn best maar helaas.
Gewoon domweg de hele ondiepte bestoken. Niet alleen de rietkanten maar gewoon dwars over… Na een paar worpen weer een kijker. Worp na worp blijft ie volgen maar pakken, effe niet dus. Dan niet, ik ga gewoon verder, bekijk jij het maar. Een paar worpen de andere kant op en het is raak.
Klein maar we zijn weer van de nul af…
Echt vol tussen de planten liggen de vissen hier. Mijn jerkbaitje is zowat niet eens meer te zien tussen al die sla die meekomt. Na het onthaken draai ik me weer richting de ondiepe plaat en vis verder. Het moet de 2e worp zijn die ik maak als ik een heel beste beuk op mijn jerkbait voel. Ik geef een ram terug en voel inderdaad flink kopstoten aan de andere kant. Dit is een goeie, zeg ik gewoon hardop in me eentje. Niemand die het hoort maar dat heb ik nou eenmaal. Al ben ik alleen, aanspraak zat… Een paar meter lijn kan ik winnen maar hup, alsof het niets is wordt er weer meters lijn van de reel gerukt. Het zal toch niet waar zijn. We zijn amper onderweg met “mijn missie”, zal toch wat zijn als ik er nu al een eind aan kan breien. Nogmaals een spurt richting dieper water en pats… los… Mijn jerkbait hangt nog netjes aan de onderlijn. Datgene dat net nog aan die jerkbait hing is pleite. Ik heb het heel even met mezelf over vrouwelijke geslachtsdelen en allerlei andere wazige taal dat je in een normaal gesprek niet snel zult gebruiken…
Het is niet anders. Gewoon het onderlijntje controleren en kijken of de jerkbait nog vast zit zoals het hoort. Omdraaien en doorgaan. Die komt wel weer een volgende keer. De eerst volgende worp die ik maak geef ik twee tikken aan me jerkbait als deze weer gegrepen wordt. Het lijkt wel los te gaan zo ineens. Binnen een minuut of tien, haak ik vis nummer drie. Hoe gek kan het lopen. Terwijl ik de vis naar me toe haal en deze het water uit pak om te onthaken, komt er een man aanpeddelen. Hij staat boven op een surfplank, heeft één peddel in z’n hand en maakt wat rondjes over de plas. Tsja, dat kan ook… Ik laat de vis het water weer inglijden terwijl ik een praatje met de beste man maak. Na een paar minuten gaat hij er weer vandoor en besluit ook ik het voor gezien te houden. Doe nog een paar worpen over deze stek maar krijg geen leven meer. Trek in een bak koffie ;-)
Twee korte sessies…
Het is inmiddels al een paar dagen lekker weer en ik begin hem te knijpen. De afgelopen keer was het water al ruim 19 graden en als het nog heel veel warmer wordt, hou ik het vissen even voor gezien. Zodra de watertemperatuur boven de 21 graden uit gaat komen gun ik de snoeken wat meer rust. Ik moet er dus nog even snel op uit. Een visjassie aan in de belly is naar mijn idee ideaal, gewoon omdat ik daar genoeg zakken in heb zitten voor de nodige spullen die ik binnen handbereik en droog wil houden. Vanavond is het dusdanig benauwd dat die jas toch echt thuis moet blijven. Zweet mezelf zo al de touwtjes. Zoals bijna gebruikelijk, start ik met slepen langs het eiland. Krijg daar toch elke keer wel weer een aanbeet of een volger te zien. Iets daar onder water zorgt ervoor dat er altijd wel vis in de buurt is. “Ralphie” mag weer aan de lijn en als ik halverwege het eiland ben krijg ik een aanbeet. Elke keer is het rond dit stuk raak. Die sla ik dus niet meer over. Een goeie vis aan de andere kant. Aan de aanbeet en het beuken op de hengel voel ik gewoon dat dit weer een betere is. Welgeteld 10 seconden zal het duren voor de haken los schieten en ik weer met lege handen zit. Wat is dat toch man? Zoals we allemaal weten… de betere vissen schieten er altijd af. Ga er ook niet eens verder over nadenken. Het zal zo moeten zijn. De rest van de weg richting de ondiepe plaat gebeurd er niets. Overschakelen naar mijn favo jerkbait voor deze stek dan maar weer. Kanonnen wat zijn die planten gegroeid de afgelopen dagen. Mijn jerkbait terugkrijgen zonder planten is nu echt een uitdaging en mislukt ook bijna elke worp. Goed voor de vis hoor die planten! Na een worp of wat een aanbeet en na een paar keer goed terug rammen weet ik zeker dat mijn haak vlees heeft gepakt. Heb net al een vis gelost, deze moet gewoon blijven plakken!
Als ik de vis in het vizier heb gris ik mijn camera tevoorschijn om een plaatje te maken. Natuurlijk, precies op het moment van afdrukken doet ie nog een wilde poging om weg te komen. Heerlijk zo’n foto waar je net niks mee kan.
Dat is al de zoveelste mislukte foto…
Dan maar oppakken en een foto maken terwijl ik de vis beet heb. Hij moet en zal knap op de foto. En natuurlijk meteen wat bewijsmateriaal voor mijn maatje. Die Slugger doet het prima hoor. Doe er nog maar een paar in wat andere kleurtjes vriend ;-)
Weer een dappere Dodo op de Slugger…
Meten heeft geen zin hè… Na het onthaken mag hij terug om verder te groeien. Hoop niet dat dit mijn metervis van de plas moet zijn want dan gaat deze missie nog wel een paar jaartjes duren ben ik bang ;-) We gaan weer verder met smijten over het ondiepe maar ik weet niets anders meer dan planten te haken. Die Slugger loopt echt maar net onder het oppervlak maar de planten zijn gewoon al te groot gegroeid. Het is haast geen doen meer hier en ondertussen tikt de tijd ook weer aardig door. Als ik bij de overkant kom zie ik mijn broer weer staan. Net een nieuwe streamerhengel aangeschaft dus die moet even getest worden zegt ie. Terwijl ik het water uit stap mist hij nog een vis vanaf de steiger. We maken even een praatje en ik gooi nog even snel mijn belly in één van sierwateren die hier in de wijk liggen. Nog niet eerder gedaan en ook geen idee hoe diep het hier precies is. Terwijl mijn broer richting zijn auto loopt, trappel ik door het water en smijt wat in de rondte met een jerkbaitje. Een meter water, meer kan ik er niet van maken hier. Eerder niet echt op gelet maar dit water is ondertussen ook al bijna 21 graden.
We zijn druk in gesprek als we de parkeerplaats naderen en ook het einde van dit stuk water. Er ligt een duikertje op het einde… altijd goede stekken natuurlijk. Een paar worpen en ik krijg er een vis op. Als deze in het oppervlak komt, zie ik dat het een beste snoekbaars is. Na het onthaken direct terug en ik ga het water uit. Op naar de koffie en helemaal vergeten om even een foto te maken. Ach, hij komt niet van de plas dus telt eigenlijk ook helemaal niet. Ondertussen is het weekend aangebroken en kan ik geen tijd maken om te vissen. Heb een hoop klussies liggen die ik al tijden vooruit schuif. De deadline komt in zicht dus het moet nu toch echt gaan gebeuren. Het hele weekend staat dus in het teken van “werk”. Als ik zondag aan het einde van de dag geen zin meer heb besluit ik toch nog maar even te gaan ontspannen. Ik moet gewoon nog even het water op!
Het regent zo af en toe een klein beetje en er staat een beste bak wind. We gaan het zien. Niet geschoten is altijd mis en aftaaien kan altijd nog. Slepen langs het eiland… Daarom ligt hier dus altijd wel een visje. Zo rond de 3m hou ik mijn bellyboat terwijl ik aan de kant van het eiland enorme planten onder water zie staan. Een haast loodrechte muur staat er hier in het water joh. De dieptemeter geeft echt 3m aan en onder mijn voeten zie ik ook absoluut geen bodem. Een halve meter naast me staan de planten tot in het oppervlak. Topstek… behalve nu natuurlijk. Smijten, smijten, slepen, smijten… geen leven te bekennen hier. Het weer van de afgelopen dagen heeft in ieder geval nog iets goed gedaan… de watertemperatuur is weer wat gezakt en zit voorlopig weer ruim onder de 20 graden. Op de ondiepe plaat aangekomen, kom ik tot de conclusie dat het hier nu echt geen vissen meer is. Volgende keer een paar topwaters in me kunstaasbak stoppen. Worp na worp zitten mijn haken vol met planten en is er ook nog eens geen vis te bekennen. Dan maar weer gewoon slepen. “Ralphie” moet even plaats maken voor wat groters. Groot aas is grote vis zeggen ze altijd. Een zinkende BBZ aan de onderlijn en laat die dikke dames maar komen! Als ik een schooltje vis op de dieptemeter zie wil ik mijn shadhengel pakken. Ik trappel nog een klein stukje door om mijn BBZ door die school te loodsen en keer om zodat ik de shad wat tijd kan geven. Bam… aanbeet en uithalen. Zes meter water onder me voeten, groot aas aan de onderlijn, dus grote vis!! Voor ik het weet ligt de vis in de oppervlakte. Whahaha, wat nou grote vis…
Snap je toch geen hol van…
Echt heel veel kleiner zullen ze toch niet worden als ze voor een BBZ gaan? Naja, zal wel aan mijn viskunsten liggen maar vooralsnog ving ik de grotere vissen allemaal op wat kleiner kunstaas. De kleintjes klappen bij mij gewoon op het grotere aas. Klagen doe ik niet want je kan ook met een nul van het water afkomen. Voorlopig redt deze vis gewoon de zondagavond! Nog maar een plaatje terwijl de maat van de vis wat beter te zien is.
Groot aas, kleine vis. Zal je altijd zien…
Nogmaals sleep ik het stuk langs het vanavond ontdekte talud. Op de dieptemeter zie ik signalen genoeg voor mijn gevoel maar reactie, ho maar. Ben gebroken. Druk weekend achter de rug en ondertussen al weer dik over koffietijd. De hele handel het water uit en richting huis. Aankomende week nog maar wat uurtjes maken als ik weer wat meer tijd over heb.
Kortgeleden was er de prijsvraag, wie de naam kon bedenken voor het nieuwste model uit de Marcraft serie. Uiteindelijk werd de naam; “Experience”gekozen uit de vele inzendingen.
Roofvisuitvoering van de Marcraft 465 Experience.
Deze prijsvraag is gewonnen door Pim Busker. Pim Busker mag een dag vissen met Daan verbruggen van GoSnoekbaars.
Was er eerder al een 465 karper uitvoering op de markt verschenen, nu komt er met dezelfde afmetingen een roofvis uitvoering.
Deze nieuwe boot is 465 cm lang en 212 cm breed staat op een Marcraft Pegaliner en is uitgevoerd met een 90 pk Suzuki. Dit nieuwe model van Macraft heeft alle voordelen die onze andere modellen ook standaard hebben.
Vandaag zijn de eerste twee klaar gemaakt en op transport naar Frankrijk gezet.De 465 is door de afmetingen ongelofelijk stabiel en heeft enorm veel ruimte om in te vissen. De eerste proefvaarten met de Experience waren indrukwekkend en we gaan er vanuit dat dit een zeer veel verkocht model gaat worden in binnen- en buitenland.